Opvallend is het lange rostrum, dat meestal geel, maar ook rood gekleurd kan zijn.
Hierdoor lijken deze garnalen sterk op Caridina gracilirostris, hoewel ze niet verwant zijn. Xiphocaris elongata heeft namelijk scharen in plaats van borstels.
Ze behoren wel tot de Atyidae, net als de Caridina.
In kleine groepen trekken ze langs de oevers van rivieren. Jonge dieren zijn in de rivier mondingen te vinden.
Ze zwemmen graag en “zweven” soms langere tijd in het water.
Van Xiphocaris elongata is bewezen dat alle dieren zich ontwikkelen als mannetjes en op latere leeftijd veranderen sommige dieren in vrouwtjes.
Dit verschijnsel heet Prodandrisme.
Herkomst
Caribische eilanden, waar ze vrijwel overal in de rivieren en meren worden gevonden.
Grootte
2.5 tot 4 cm
Watertemperatuur
20 - 30 °C
Zuurgraad (pH)
Zowel zuur als basisch water verdragen ze goed.
Hardheid (dGH)
6-10°
Geslachtonderscheid
De mannetjes zijn kleiner en slanker.
Kweek is enkel mogelijk in
brakwater
Opkweek (bijzonderheden)
De larven hebben meerdere planktonische stadia en hebben dan brak- tot volledig zoutwater nodig.
Bakgrootte
minimale inhoud van 20 liter
Medebewoners
Vlokken en granulaatvoer.
Eerste maal beschreven door
Guérin-Méneville, 1855
Selecteer onderstaande tekst en kopieer deze via rechtsklikken naar je klembord. De tekst kan je vervolgens direct plakken in je bericht op het Garnalen & Kreeften forum!